Het sterf bed

Eén van de moeilijkste dingen van mijn vak? Dat is wel een ziekbed of een sterf bed. Afgelopen weekend kreeg ik even een klap in mijn gezicht. Toen ik hoorde dat één van mijn bewoners toch wel ernstig ziek was.(naast het dementieel syndroom waarvoor ze bij ons zit)

Samen met mijn collega loop ik de afdeling op, ik begin net en duik direct de overdracht in. Het valt me dan ook zwaar wanneer ik hoor dat de mevrouw op kamer 19 slecht ligt, de arts vermoed een beginnende longontsteking word mij verteld. Ik schrik want woensdag avond had ik mevrouw nog achter haar rollator zien schuifelen roepend dat ze naar het toilet wilde. natuurlijk wist ik dat ze een beetje kwakkelend met haar gezondheid was maar zaterdag avond was van het kwieke vrouwtje weinig meer over.

Ik liep een beetje onwennig samen met mijn collega de kamer van mevrouw op, in bed trof ik de vrouw aan die woensdag avond nog zo naar de wc waggelde… nou het was bijna rennen wat ze deed, en maar roepen vanaf de plek waar ik zat. “niet zo hard je rijd in de bebouwdekom je mag maar 30 kilometer per uur, waarna ze abrupt stopt zich omdraait wijzend op haar oude rollator ssht ik heb hem opgevoerd waarna we samen in lachen uitbarsten en ik haar een arm geef waarna ze als vrouwtje van 97 en een kleine 1 meter en 50 cm een knul van 1.92 een kus op de wang drukt.

Die vrouw lag zwakjes en zwaar hijgend op bed, net als altijd kwam ik naast haar op bed zitten en kriebelde door haar sneeuwwitte haren, ze doet haar ogen open en zegt:”dag lieverd en haar ogen staan zwak” Ik schrik, in mijn ooghoek komt een traan, snel veeg ik hem weg in de hoop dat mijn collega en mevrouw dit niet hadden gezien. Ik keek haar aan en ze knipoogde.

We kennen ze allemaal de cliënten die je het liefst onder je arm mee neemt naar huis. In ons vak mag je geen onderscheid maken maar je creëert een band. Met de ene heb je een hele goede band en met de ander minder. De kunst is dit niet te laten blijken en voor iedereen even goed te zijn. Toch laat de een je hart sneller smelten dan de ander. Zwaar moedeloos laat ik haar achter in de handen van mijn collega. Ik ben nou eenmaal niet bekwaam genoeg om in dit soort omstandigheden te kunnen en mogen handelen. Bij het weg gaan kietel ik haar nog even onder de voeten waardoor een glimlach vormde rond haar ingevallen gezichtje. Even komen de fonkeltjes terug in haar ogen die ik zo van haar gewend ben.

Toen ik ’s avonds vertrok wist ik dat het misschien de laatste keer zou zijn geweest, ik bedoel dat ik die fonkels heb mogen zien. onderweg naar mijn afdeling om alle bellen in te schakelen, biggelde er tranen over mijn wangen. zachtjes mompel ik:” Had ik maar een vak geleerd”. En “Wat heb ik toch een kut vak af en toe.” Met de deur die achter me sloot, sloot ook het stukje van mijn gevoel en ging ik op mijn professionele voet verder… De rest mocht hier absoluut niet de dupe van mijn gevoel worden. Nadat ik alles had gecontroleerd en mijn overdracht klaar was ben ik gegaan. Hopen dat morgen alles beter is.

Deze mevrouw is inmiddels komen te overlijden. Dit bericht omschrijft de op 1 na laatste keer dat ik mevrouw heb gezien. Ze deed me wat en nog steeds, ik neem haar nog dagelijks mee in mijn werk. Soms wanneer ik me ellendig voel, dan denk ik terug aan haar. Ja lieve lezers deze mevrouw heeft indruk gemaakt.

Facebook Comments

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *